Gevolgen beschikking
De uitgever beschreef de gevolgen van de beschikking voor het Hof van Beroep als volgt:
Daarbij heeft de eerste rechter een aantal categorische uitspraken (cfr infra) gedaan, die, ten eerste zij als kortgedingrechter niet had mogen doen, die ten tweede een eerlijk en onafhankelijk proces ten gronde bemoeilijken ten nadele van concluanten, en die ten derde, in de ogen van de media en het publiek, al een veroordeling ten gronde inhouden nog vooraleer het debat ten gronde is opgestart. (...)
De door verweerder in beroep gevraagde maatregelen, namelijk het voor bepaalde of onbepaalde duur doen verbieden van de verspreiding van zekere boeken, hebben een definitief en onherstelbaar karakter.
Zulke maatregelen kunnen enkel bevolen worden door de bodemrechter.
Gezien de eerste rechter in kortgeding een verbod op verspreiding van zekere boeken beval, hoezeer beperkt in tijd en ruimte ook, is de morele en materiële schade nu reeds onherstelbaar.
Het publiek zal immers enkel het verbod onthouden en concluanten zullen voor eeuwig een stigma van racisme dragen, hoe onterecht dit achteraf bekeken ook moge zijn.
De ongerijmdheid van de uitspraak van de eerste rechter valt des te meer op wanneer men ze vergelijkt met de houding van het gerecht in de zaak Siegfried Verbeke (zie artikel De Standaard 3 juni 2003):
- Centrum diende hier klacht in in het jaar 1997
- zaak komt slechts de eerste keer voor de Correctionele Rechtbank in Antwerpen in juni 2003
- in de tussentijd van zes jaar (!) heeft kennelijk niemand in het gerecht uitspraak willen of kunnen doen, zelfs niet “prima facie”, over het al dan niet negationistisch karakter van de boeken van Verbeke. (...)
In casu echter worden concluanten geconfronteerd met een rechter (en dan nog wel in kortgeding) die na de pleidooien van woensdag 14 mei 2003 de dossiers in ontvangst neemt van partijen (met inbegrip van de boeken die verweerder in beroep in zijn dagvaarding noemde) en reeds op 15 mei, hetzij de volgende dag (!), beschikt dat
” de leer, zoals door Jozef Rulof verwoord, in zijn boeken, beledigend en kwetsend is voor een groep mensen wegens hun ras, godsdienst of levensovertuiging en aanzet tot haat, discriminatie of geweld en derhalve in strijd is met de wetgeving tegen het racisme en ter bestrijding van discriminatie"